Veel gestelde vragen

Wat is getijdengebed?

Het getijdengebed bestaat uit gebeden die op bepaalde tijden van de dag worden gebeden. De traditie gaat terug tot de eeuwen voor Christus. Sinds de babylonische ballingschap kwamen de joden waar zij ook waren in synagogen ’s morgens, ’s avonds en vaak ook ’s middags bijeen om op het uur van de offers in de tempel van Jeruzalem te bidden. De eerste christenen waren joden; zij hebben de gebedstraditie voortgezet en steeds meer voorzien van een christelijke inhoud.

Wordt het nog veel gebruikt?

Over de hele wereld worden dagelijks de getijden gebeden in kloosters, door geestelijken (onder wie priesters) en door leken. Ook worden in veel kerken en kapellen een of meer keren per week enkele getijden gebeden, en dan vooral het avondgebed.

Wanneer moet ik de Lezingendienst bidden?

De Lezingendienst kan op elk moment van de dag gebeden worden. Na het avondgebed kan zelfs al de lezingendienst van de volgende dag gebeden worden.

Als ik geen tijd heb om alles te bidden, is er dan een bepaalde rangorde?

In dat geval kunt u ervoor kiezen alleen het Morgengebed (lauden) en het Avondgebed (vespers) te bidden.

Wat betekenen de kleuren in de kalender?

Die kleuren geven de liturgische kleur van de dag aan.

Waarom staat in sommige vakken een naam, en wat betekent die H. ervoor?

De H. staat voor “Heilige”. Soms staat er Z. Dit betekent “Zalige”. De naam is van de heilige die op deze dag wordt herdacht. Als er rechts een “G” staat, is het een verplichte gedachtenis. Wanneer er rechts niets wordt aangegeven gaat het om een vrije gedachtenis.

Wat betekenen “G”, “F” en “H”?

De “G” staat voor “gedachtenis” (zie het antwoord hierboven), de “F” voor “feest” en de “H” voor “hoogfeest”. Feesten en hoogfeesten kennen eigen teksten;in deze digitale versie van het getijdenboek komen die vanzelf in beeld.

Waarom staat er soms een plaatsnaam?

Dat is de naam van een bisdom. De gedachtenis geldt dan alleen voor dat bisdom.

In het Morgengebed staat aan het begin “Openingsvers” in een grijs vlak en “Uitnodiging” in een wit vlak. Waarom is dat?
Als het Morgengebed het eerste gebed van de dag is, hoort de Uitnodiging eraan vooraf te gaan;de Uitnodiging is het onderdeel waarmee elke dag begint. Staat dat woord in een wit vlak, dan is de pagina daarop ingesteld, en ziet u meteen daaronder UITNODIGING in rood. Hebt u voor het Morgengebed al de Lezingendienst gedaan, dan heeft u ook de Uitnodiging al gebeden. U klikt dan op Openingsvers, en ziet dan het vers waarmee u het Morgengebed begint.

Waarom staan aan het begin van de Uitnodiging vier psalmen naast elkaar?

De standaardpsalm is psalm 95. Omdat de Uitnodiging elke dag wordt gebeden, biedt het Getijdenboek de keuze uit nog drie psalmen. Kiest u voor een van die drie, en komt u diezelfde psalm tegen in het Morgengebed, dan is het de bedoeling dat u op die plek alsnog psalm 95 leest in plaats van de psalm die u in de Uitnodiging hebt gelezen.

Wat betekent “ANT”?

Antifoon. Deze tekst wordt steeds voor en na een psalm of loflied gebeden.

Waarom springen sommige regels in en andere niet?

Als men de getijden met een groep reciteert of zingt, kan men de groep opdelen in twee helften. De ene helft bidt steeds de regels die links beginnen, de andere groep de regels die inspringen. Zo wisselen ze elkaar steeds af.

Waarom staan er twee hymnen?

Op de dagen “door het jaar” (zie het liturgisch jaar) zijn er verschillende hymnen per weekdag. Na een week begint u weer bij het begin, en daarom kunt u voor de afwisseling kiezen uit verschillende teksten.

Waarom staat er soms achter of in een regel een rood cirkeltje?

Dat is een aanwijzing voor bij het reciteren of zingen van de tekst. In de psalmen en lofzangen bestaan de meeste strofen uit twee regels. Vaak wordt tussen de eerste en de tweede regel kort gepauzeerd. Het rode cirkeltje komt voor in strofen van drie regels, en staat steeds aan het eind van de eerste regel. Dat is voor degenen die deze strofe moeten lezen of zingen een aanwijzing daar niet te pauzeren, maar meteen door te gaan met de tweede regel. De korte stilte valt dan tussen de tweede en de derde regel. In het responsorium wordt de eerste regel uitgesproken door de voorbidder. Het cirkelte geeft aan dat na afloop van die zin een antwoord komt van de medebidders. De smeekbeden worden uitgesproken door de voorbidder, en het refrein door de medebidders. Het cirkeltje geeft het aan dat het refrein wordt uitgsproken na het zinsdeel waarin het cirkeltje staat.

In sommige smeekbeden gaat het over “paus N.” en “bisschop N.”. Wat betekent dat?

In plaats van N. spreekt u de naam van de paus uit, respectievelijk die van de bisschop van het bisdom waar u zich op dat moment bevindt. Als u de naam van de bisschop niet kent, spreekt u de N. niet uit.

Boven een psalm of loflied staat een tekstje in rood en daaronder in cursief. Wat moet ik daarmee?

Als u alleen bidt, kunt u die lezen. Bidt u met anderen, dan is het de gewoonte die niet uit te spreken. De antifoon (“ANT”) die boven deze tekstjes staat, wordt wel uitgesproken, zowel aan het begin als het eind van de psalm of het loflied.

Moeten de titels in rode hoofdletters worden uitgesproken?

Nee.

Moet het Bijbelboek waaruit de lezing komt, worden uitgesproken?

Nee. Dat gebeurt wél bij de twee lange lezingen van de Lezingendienst (“Uit de brief van…”). De gecursiveerde zin daaronder wordt echter niet uitgesproken.

Waarvoor gebruikt de app mijn GPS gegevens?

Op basis van de GPS gegevens kan de app bepalen in welk bisdom u zich bevindt. Indien in dat bisdom een bepaalde heilige op de kalender staat, zal deze heilige als voorkeur worden getoond. Overigens worden uw GPS-gegevens alleen binnen de app gebruikt. Ze worden niet verstuurd of met anderen gedeeld.